Organiseren is ook een talent!

12 augustus 2016

Door: Maureen Dasselaar

Talent. Iedereen heeft het. Maar wat is het? Als we de ‘Van Dale’  erop naslaan vinden we de volgende definitie: ‘natuurlijke begaafdheid’. Simpel gezegd; iemand heeft meer aanleg voor iets dan de meeste anderen waardoor diegene sneller leert en een hoger resultaat kan bereiken.

Iedereen beschikt over talenten waardoor hij of zij uitblinkt ten opzichte van anderen. De sporters die zich kwalificeren voor de Olympische Spelen zijn vanzelfsprekend getalenteerd. Maar als je ergens echt goed in wilt worden dan vergt dit trainingsarbeid. Heel veel trainingsarbeid. Onderzoek wijst uit dat mensen die uitblinken in hun talent, veel meer tijd stoppen in hun ambitie dan mensen die minder ver komen. Ook de juiste omgeving helpt hierbij. Kortom, talent gaat hand in hand met ambitie en passie. Maar, bovenal moet je veel plezier hebben in wat je doet. Anders kan je een topprestatie wel vergeten.

Road to Rio met obstakels

In de afgelopen week bevond ik mij in de bevoorrechte positie om de Olympische Spelen in Rio de Janeiro te mogen bezoeken. Het grootste sportevent ter wereld dat zeven jaar geleden aan de Zuid-Amerikaanse stad werd toegewezen. Toen was Brazilië nog een relatief welvarend land; in 2010 groeide de economie met 7,5%. Nu bevindt het land  zich in de ergste recessie in lange tijd. Daarnaast zorgden in aanloop naar de Spelen het Zika-virus, de kwaliteit van lucht en water en de enorme vertraging rondom de bouw van de venues voor enorme druk. En dan heb ik het nog niet over de enorme problemen die de stad kent rondom armoede en geweld. In de laatste paar maanden voor de opening bereikte de organisatie van het event een dieptepunt; Rio heeft te maken met een miljoenentekort. Dat tekort wordt versterkt doordat veel potentiële bezoekers om genoemde redenen niet naar Brazilië willen of kunnen afreizen; de tegenvallende ticketverkoop zorgt ervoor dat 1,3 miljoen van de ruim 6 miljoen beschikbare tickets twee dagen voor het begin van de Spelen niet zijn verkocht. Kortom; de omgevingsfactoren voor een event in Rio waren allesbehalve gunstig. 

Een verblijf van vijf dagen gaf mij een uniek ’bezoekerskijkje’ op een fantastisch evenement. Een sporter kijkt hier al vier jaar naar uit en wil zijn of haar beste prestatie ooit neerzetten. Talent, ambitie, passie en een gedegen voorbereiding moeten nu bij elkaar komen. Voor de sporter zelf en voor het land waar hij of zij voor uitkomt. De hele wereld kijkt. De talenten van de sporter moeten nu zorgen voor een piekmoment, een moment waarvan er voor velen slechts één komt!

Ook de organisatie krijgt maar één kans; twee weken lang moet er volledige focus zijn. De hele wereld kijkt niet alleen naar sporters, maar ook naar Rio. Rio dat gedurende twee weken voornamelijk wordt geleid door vrijwilligers.

In de steigers

Een aantal jaren geleden was Rio totaal niet voorbereid op de komst van miljoenen sportliefhebbers. In dat opzicht heeft de stad enorme progressie geboekt; metrolijnen waren gereed, metro’s reden op tijd en de beveiliging in de stad zelf was van een ongekend hoog niveau. Echter, op meerdere momenten tijdens mijn reis was te merken dat de tijdsdruk er voor heeft gezorgd dat de gevraagde focus op de venues, die veel te laat gereed waren, er gewoonweg niet was. Vrijwilligers moesten zich bezighouden met zaken die al lang en breed in kannen en kruiken moesten zijn. In het volleybalstadion liep een bouwvakker met een ladder dwars door de bezoekersstroom. Lange rijen bij zowel het turnen als het beachvolleybal zorgden ervoor dat bezoekers delen van de wedstrijden moesten missen. De geluidsvoorziening in het stadion en de informatievoorziening op de schermen was bij het zwemmen niet voor elkaar waardoor het in het stadion moeilijk werd om de wedstrijd goed te volgen. De horecavoorzieningen op de venues lieten te wensen over; het ontwikkelde (betaal)systeem zorgde voor een trage doorstroming van de bezoekers, als die bezoekers tenminste al wisten waar ze in de rij moesten gaan staan. Tape op de vloer zorgde voor de routing naar de kiosken maar die routing viel volledig weg door de enorme mensenmassa. Bij het zien van de enorme rijen lieten veel mensen het afweten; de wachttijd woog niet op tegen de totale duur van het sportbezoek. Omzet-technisch gezien een gemiste kans! En, het cateringassortiment bestond voornamelijk uit ongezonde, heel ongezonde hap. In een sportieve omgeving mag je toch anders verwachten.

Nederland is een overgeorganiseerd land met een compleet andere cultuur dan de Braziliaanse. Hier is afspraak, afspraak. Rio is Rio. Brazilianen hebben een relaxte instelling, in onze ogen wellicht te relaxed. Wat nu niet komt, komt morgen wel. Dat besef ik me des te meer als ik terugvlieg naar Amsterdam.

Organiseren is een sport op zich en lijkt makkelijker dan het is. Dat ervaar ik iedere dag. Hoewel de Brazilianen hun stinkende best doen om van de Spelen een succes te maken, zit organiseren niet in hun bloed. Misschien is het talent er wel, de ambitie wellicht ook maar het ontbreekt de organisatie aan trainingsuren. Trainingsuren en de juiste omgeving om organisatorisch gezien optimaal te kunnen presteren. Het mooie is dat precies diezelfde omgeving ervoor zorgt dat er een geweldige olympische vibe voelbaar is in de gehele stad. Een vibe die een ongekende extra dimensie geeft aan de beleving van de Spelen. Ik gun het de organisatie en 50.000 vrijwilligers dat zij in de resterende week het maximale uit hun kunnen halen! Dat verdient de stad van ‘Christus de Verlosser’, waar beachvolleybal op de Copacabana wordt gespeeld en het historische Maracaña garant staat voor prachtig voetbal. Is dat nog te overtreffen? Tokio 2020, be prepared!